|
De infectie Hepatitis A is een virusinfectie die vooral voorkomt bij kinderen. Kinderen onder de vijf jaar hebben meestal geen verschijnselen en merken dus niets van de infectie. Oudere kinderen hebben meestal wel klachten en verschijnselen, volwassenen kunnen er ernstig ziek van worden. De besmetting Besmetting met hepatitis A kan plaatsvinden door eten of drinken dat verontreinigd is met ontlasting waarin het virus zich bevindt. Na besmetting met het virus ontstaat een levenslange bescherming. Door middel van een bloedtest is na te gaan of men een hepatitis A infectie heeft doorgemaakt. In Nederland wordt de besmetting vaak via kinderen opgelopen, bijv. in kinderdagverblijven. Vakantiegangers lopen risico in landen waar het virus veel voorkomt (bijv. Egypte, Turkije, veel ontwikkelingslanden). Hepatitis A kan ook worden overgedragen door seksueel contact, waarbij besmette ontlasting via de mond binnenkomt. Klachten en verschijnselen Tussen de besmetting en het ziek worden zit een periode van 2 tot 6 weken. Reeds een week voordat verschijnselen ontstaan, is men besmettelijk en kan het virus worden overgebracht. De besmettelijkheid kan wel twee maanden duren. Kinderen onder de vijf jaar kunnen het virus overbrengen zonder dat ze zelf verschijnselen hebben. De verschijnselen zijn over het algemeen vermoeidheid, lichte koorts en een wat onaangenaam gevoel in de bovenbuik en misselijkheid. Volwassenen en oudere kinderen hebben vaak ook geelzucht, waarbij het oogwit geel ziet, de urine donkerder kan zijn en de ontlasting lichter van kleur is. De gevolgen Meestal duurt hepatitis A niet langer dan ongeveer 6 weken. Bij volwassenen kan het echter langer duren. Vermoeidheid kan eventueel nog enige tijd aanhouden. Hepatitis A leidt nooit tot een chronische aandoening. Meestal is een ziekenhuisopname niet nodig. In zeldzame gevallen kan bij volwassenen de ziekte een zeer ernstig beloop hebben. Behandeling en advies Er is geen specifieke behandeling voor hepatitis A. De ziekte geneest dus meestal vanzelf. Een dieet is niet nodig, hoewel de eetlust de eerste week vaak slecht is. Verder is het raadzaam overmatige lichamelijke inspanning te vermijden, maar bedrust is niet nodig. Hoe kan besmetting voorkomen worden Een goede persoonlijke hygiëne kan besmetting voorkomen. Goed handen wassen na elke toiletgang en voordat iets gegeten wordt. Voedsel moet goed verhit worden. In risicolanden is het gebruik van ongekookt leidingwater en het gebruik van bijv. ijsklontjes en het eten van ijs af te raden. Vaccinatie Inenting (vaccinatie) is aan te raden voor iedereen die naar een risicoland reist. Eveneens voor mensen die werken in bijv. een kinderdagverblijf of in de zwakzinnigenzorg. Vaccinatie biedt reeds bescherming na 7 – 10 dagen. Immunoglobuline biedt een directe bescherming en wordt gegeven aan mensen bij wie vaccinatie niet wenselijk is, maar die wel naar een risicogebied reizen. Vaccinatie wordt geadviseerd voor alle mensen met een chronische leveraandoening.
|