Auto Immuun Hepatitis (AIH)

Afdrukken

Hoe ontstaat AIH?
Auto-immuun hepatitis (AIH) is een ziekte waarbij de lever ontstoken is doordat het afweersysteem zich - om onbekende redenen - tegen de lever richt .
Op dit moment is nog niet goed bekend hoe AIH ontstaat. Er moet sprake zijn van een genetische aanleg voor een auto-immuunziekte en van een prikkel die het ziekteproces in gang zet.
Het is bekend dat veel AIH patiënten en mensen die lijden aan andere auto-immuunziekten (zoals b.v. reuma, S.L.E., auto-immuun schildklierontsteking etc.) een bepaalde overeenkomst hebben. Het immuunsysteem (afweersysteem) van deze mensen reageert veel heftiger en laat zich dan minder goed afremmen. Echter, lang niet alle mensen met een dergelijke aanleg ontwikkelen een auto-immuunziekte. Infecties, met name veroorzaakt door virussen, zouden de prikkel kunnen zijn die het proces in gang zetten, maar ook bijvoorbeeld stressfactoren zouden een rol kunnen spelen. Wellicht kunnen ook geneesmiddelen deze reactie in gang zetten.
AIH, reuma en schildklierziekten komen vooral voor bij vrouwen, hetgeen erop wijst dat geslachtshormonen een rol zouden kunnen spelen.
   
Hoe vaak komt het voor?
AIH is een zeldzame ziekte, die wereldwijd voorkomt. De incidentie is ongeveer 170 patiënten op 1 miljoen inwoners in Noord Europa. In Nederland zijn er tussen de 2500 en 3000 patiënten. Ongeveer 80-90% van alle patiënten is vrouw.

Wat zijn de verschijnselen?
De ziekte kan reeds op zeer jonge leeftijd ontstaan, maar de piek valt in de leeftijdsgroep van jong volwassenen (puberteit) en rond de menopauze. Vaak presenteert de ziekte zich met vage verschijnselen, zoals b.v. vermoeidheid, spier- en gewrichtsklachten, buikpijn. Bij bloedonderzoek blijkt dan dat er afwijkende leverwaarden zijn.
Bij een klein percentage van de patiënten ontstaat er in korte tijd een ernstige ontsteking met een sterke achteruitgang van de leverfunctie. Hierdoor kan een ernstige geelzucht ontstaan, de bloedstolling raakt verstoord en er kan sufheid optreden. We spreken dan van leverfalen.
Bij andere patiënten ontwikkelt de ziekte zich zo sluipend dat de diagnose pas wordt gesteld wanneer er complicaties optreden zoals bloedingen uit spataderen in de slokdarm en ascites. In deze gevallen moet men ervan uitgaan dat de ziekte vele jaren onopgemerkt is geweest en reeds geleid heeft tot cirrose.

Hoe wordt de diagnose gesteld?
Om de diagnose van AIH te stellen worden meerdere factoren afgewogen.
Er moet sprake zijn van een leverontsteking hetgeen blijkt uit het bloedonderzoek (verhoogde transaminasen ASAT/ALAT). Ook moeten er aanwijzingen zijn voor een auto-immuunziekte zoals een sterk verhoogd IgG  en aanwezigheid van auto-antistoffen, te weten anti nucleaire antistoffen (ANF of ANA) of antistoffen tegen glad spierweefsel. Ook de aanwezigheid van andere antistoffen kan helpen bij het stellen van de diagnose. b.v. antistoffen tegen Soluble Liver Antigen (SLA) en Liver Kidney Microsomale Antistoffen (LKM).

Andere oorzaken van een leverontsteking moeten worden uitgesloten zoals bijvoorbeeld virusinfecties die leverontstekingen geven en bepaalde stofwisselingsziekten (Ziekte van Wilson). Een leverbiopsie is belangrijk voor het stellen van de juiste diagnose en kan ook inzicht geven in de ernst van de ontsteking en in welk stadium de ziekte is, bijvoorbeeld of er al sprake is van cirrose.

Meestal lukt het om op basis van bovengenoemde factoren de diagnose AIH te stellen, maar in een enkel geval blijft er onzekerheid blijven bestaan. In dergelijke uitzonderingsgevallen kan een proefbehandeling met prednison uitkomst bieden.

Hoe is AIH te behandelen?
De behandeling van AIH heeft als doel de ontsteking volledig en langdurig af te remmen, dit om verdere beschadiging van de lever te voorkomen en zo mogelijk reeds aangerichte schade te herstellen. Wanneer er onverhoopt sprake is van onherstelbare schade, met name cirrose, dan moeten de gevolgen daarvan natuurlijk zo goed mogelijk bestreden worden.
Sinds het begin van de jaren 70 bestaat de behandeling uit een combinatie van Prednison en Imuran (azathioprine). Prednison is een ontstekingsremmend middel. In een hoge dosering onderdrukt het het afweersysteem. Ook Imuran onderdrukt het afweersysteem. Soms wordt er voor gekozen om alleen te starten met Prednison, omdat imuran soms leverfunctiestoornissen kan geven. Na een aantal weken wordt dan ook Imuran toegevoegd.
Wanneer alleen met imuran wordt behandeld, wordt imuran in een hoge dosering gegeven
(2 mg/kg).

Bij ongeveer 90% van alle patiënten lukt het om de ontstekingsactiviteit met deze medicatie volledig te onderdrukken. Hier is sprake van wanneer de waarden van de transaminasen (ASAT en ALAT) en van het IgG gehalte weer normaal zijn. De anti-nucleaire antistoffen en antistoffen tegen gladspierweefsel verdwijnen meestal niet. Een nadeel van de behandeling is dat deze meestal lang moet worden volgehouden. (Meestal zal de eerste 2 jaren een combinatie worden gegeven van 10 mg Prednison en 50 mg Imuran.)

Wanneer de bloedwaarden normaal blijven, wordt dan meestal geprobeerd om de medicatie te stoppen. Eerst wordt nog een leverbiopt genomen om te zien of de ontstekingsactiviteit geheel tot rust is gekomen. Ook na het stoppen met medicatie moet gecontroleerd blijven worden of de ontsteking wegblijft.
Wanneer de ontsteking niet volledig tot rust gekomen is, moet de medicatie worden voortgezet, meestal levenslang. In alle gevallen wordt geprobeerd dit met een dosering te bereiken die zo laag mogelijk is. Ook kan gekozen worden voor alleen imuran wat dan meestal wel hoger moet worden gedoseerd. 

Zijn er bijwerkingen van de behandeling?
Als gevolg van de behandeling met Prednison en Imuran kunnen er een aantal bijwerkingen optreden. Prednison kan het zogenaamde "vollemaansgezicht" geven. Bij patiënten die 10 mg. of minder per dag gebruiken is de kans hierop klein. Ook bij patiënten die een hogere dosering gebruiken en later de dosering kunnen minderen verdwijnt na verloop van tijd dit verschijnsel.
De huid wordt vaak dunner en er kunnen onderhuidse bloedinkjes optreden. Hier is helaas weinig aan te doen. Botontkalking (osteoporose) kan tegenwoordig goed worden voorkomen met medicijnen en hoeft geen probleem meer te zijn. Bij mensen die hiervoor aanleg hebben kan suikerziekte of een hoge bloeddruk ontstaan. Meestal is dit alleen het geval bij de hogere doseringen (b.v. meer dan 20 mg. per dag).
De gebruikte doseringen Imuran geven meestal op de korte termijn geen problemen. Gebruik van Imuran langer dan 5 – 10 jaar geeft een verhoogd risico op kanker, vooral van de huid. Sommige mensen verdragen geen imuran, er ontstaat bijvoorbeeld een allergische reactie of leverafwijkingen. Alternatieven zijn dan cyclosporine of cellcept.
Gelukkig zijn de meeste bijwerkingen goed onder controle te houden. Het zal echter duidelijk zijn dat zorgvuldige controle door een arts die ervaring heeft met de behandeling van auto – immuunziekten van groot belang is. Over het algemeen kan deze medicatie tijdens een zwangerschap doorgegeven worden.

Wat zijn de vooruitzichten?
Zonder behandeling bedraagt de 5-jaars overleving van patiënten met een AIH 20%.
Sinds de invoering van de combinatiebehandeling (behandeling van prednison met imuran) is dit beeld volledig veranderd.
Wanneer de ziekte goed reageert op de behandeling dan is de levensverwachting ongeveer gelijk aan die van gezonde leeftijdsgenoten.
Wanneer de ziekte zich presenteert als een zeer ernstige leverontsteking, of wanneer er reeds sprake is van cirrose dan is dat minder gunstig.
Indien er reeds sprake is van een cirrose, kan met behandeling het optreden van complicaties hierdoor voorkomen worden.

Erfelijkheid en zwangerschap
AIH is als zodanig niet erfelijk. Wel lijkt het erop dat de aanleg voor een auto-immuunaandoening in het algemeen erfelijk is. Overigens is de kans erg klein, dat een kind van iemand met AIH later ook deze ziekte zal ontwikkelen. Minder dan 5% van de AIH patiënten heeft een familielid met een chronische auto-immuun leverziekte.

In principe kan een vrouw met AIH zwanger worden en kinderen krijgen. Vanzelfsprekend kan dit slechts indien de menstruele cyclus normaal is. Met name bij patiënten met een ernstige, actieve leverontsteking of een gevorderde cirrose is de menstruele cyclus meestal gestoord.
Bij aanwezigheid van slokdarmspataderen tijdens de zwangerschap is de kans op spataderbloedingen duidelijk verhoogd. Tijdens de zwangerschap is de leverontsteking meestal rustig, maar na de bevalling kan de ziekte weer opvlammen. Dit kan meestal goed worden opgevangen door verhoging van de medicatie. De gebruikte medicatie is veilig gebleken voor het ongeboren kind.

Een AIH patiënte met zwangerschapswens doet er verstandig aan, alvorens zwanger te worden, dit te bespreken met haar behandelend arts. Op die manier kunnen eventuele risico´s tot een minimum worden beperkt.

Hoe zit het met levertransplantatie als gevolg van AIH?
Hoewel AIH in de regel goed behandelbaar is, ontstaat toch soms leverfalen, ofwel omdat er bij het vaststellen van de ziekte reeds een ver gevorderde cirrose was, ofwel omdat de ziekte onvoldoende reageert op de behandeling.
De patiënt kan dan in aanmerking komen voor een levertransplantatie.
De resultaten van transplantatie bij AIH patiënten zijn goed, met gunstige overleving.
Uit de literatuur is bekend dat AIH na transplantatie kan terugkeren.
Gelukkig is de kans daarop laag, waarschijnlijk omdat vrijwel alle patiënten die wegens AIH zijn getransplanteerd, behandeld worden met medicatie die de afweer onderdrukken.

Overlapsyndromen
Zeer zeldzaam zijn de aandoeningen die een combinatie van verschijnselen vertonen waardoor ze niet passen bij de ziektebeelden AIH, PBC en PSC.
Deze ziekten worden variant ziekten of overlapsyndromen genoemd.
Bekend zijn:
- de combinatie van auto-immuun hepatitis en PSC
- de combinatie van auto-immuun hepatitis en PBC
- de auto-immuun Cholangitis (AC)
Het onderscheid tussen bovenstaande overlapsyndromen wordt bepaald door het patroon van laboratoriumafwijkingen, door de aanwezigheid van bepaalde auto-antistoffen en door de afwijkingen in het leverbiopt.

De behandeling van deze "variant"-aandoeningen wordt per patiënt aangepast en bestaat vaak uit een combinatie van de middelen prednison, imuran en ursodeoxycholzuur. Gebleken is dat vooral de auto-immuun cholangitis moeilijk te behandelen is.

Meer lezen over het ziektebeeld AIH? Word dan lid van de NLV en krijg zo toegang tot het extra ledenmenu (naast vele andere voordelen, zoals gratis brochures en gratis toegang tot alle bijeenkomsten).

Hieronder vindt u voorbeelden van artikelen in het afgeschermde ledenmenu.

Gerelateerde artikelen Ledenmenu:
  • Nieuw onderzoek AIH
    Over het ontstaan en de optimale behandeling van autoimmuun hepatitis (AIH) is nog maar heel weinig bekend. Dat komt deels omdat deze ziekte relatief weinig voorkomt. Daarom is er twee jaar geleden een landelijke auto-immuun hepatitis werkgroep opgericht waarin een groot aantal (academische) ziekenhuizen gaan samenwerken in het onderzoek naar deze ziekte. Nicole van Gerven, arts-onderzoeker in het VU medisch centrum te Amsterdam die promoveert op dit onderzoek, coördineert het verzamelen van deze gegevens.
  • Uitkomsten onderzoek AIH/PBC/PSC
    De NLV heeft in samenwerking met het onderzoekbureau Trigenum een onderzoek gehouden onder leden met de ziektebeelden AIH/PBS/PSC. Het onderzoek, waaraan 338 mensen hebben deelgenomen(!), heeft zeer veel en interessante inzichten opgeleverd. In dit artikel zetten wij een aantal resultaten op een rij...
  • Vervolg uitkomsten onderzoek AIH/PBC/PSC
    Eerder werd als een van de opvallende resultaten van het onderzoek ‘jeuk  als meest genoemde bijverschijnsel’ vermeld. In dit artikel zal dieper worden ingegaan op de bijverschijnselen jeuk en spier- en gewrichtsklachten...