Onderzoek hepatitis B en C |
|
|
In Nederland lopen een aantal studies aangaande hepatitis B en C. Hierbij een overzicht. Hepatitis C: 1. VIRID-studie bij hepatitis C patiënten met genotype 1 of 4 (Erasmus MC Rotterdam en UMC St. Radboud Nijmegen). Het Erasmus MC en UMC Radboud startten in 2008 een studie waarin een dubbele dosis ribavirine wordt vergeleken met de standaarddosering bij de behandeling van hepatitis C. Daarnaast wordt behandeld met PEG-interferon. Om bloedarmoede te voorkomen wordt EPO (erythropoietine) gegeven. De studie wordt uitgevoerd in patiënten met HCV genotype 1 of 4 met een virusload >400.000 IU/mL, omdat bij deze patiënten de standaardbehandeling minder vaak slaagt. De ribavirine-dosering wordt onderzocht in deze studie omdat er aanwijzingen zijn dat met een hogere dosis ribavirine het succespercentage van de behandeling vergroot kan worden. Op de website www.virid.nl staat alle informatie, zowel voor behandelaars als patiënten. Patiënten kunnen zich aanmelden via een van de twee arts-onderzoekers, via email of telefonisch. 2. SCIN-studie (Erasmus MC) Voor hepatitis C patiënten met genotype 1 of 4 die eerder niet hebben gereageerd op antivirale behandeling met (peg)interferon en ribavirine. In deze studie wordt interferon continu toegediend met een klein pompje. Op deze manier wordt geprobeeerd het virus continu te onderdrukken waardoor er mogelijk wèl een blijvende virologische respons optreedt. Daarnaast worden minder hevige bijwerkingen verwacht door de continue toediening. Er zal ook worden behandeld met ribavirine. U kunt niet meer deelnemen aan deze studie. 3. CIRES-studie (Erasmus MC) Voor hepatitis C patiënten met genotype 1, 2 of 3 die niet eerder behandeld zijn met (peg)interferon en ribavirine. In deze studie wordt behandeld met een standaard dosis peginterferon in combinatie met ribavirine. Om meer te weten te komen over de exacte werking van deze behandeling en de werking van het immuunsysteem in de lever, zal op verschillende tijdstippen met een dun naaldje een cytologische punctie van de lever worden genomen. Het betreft een zogenaamde ‘fine needle aspiration biopsy’ (FNAB), hetgeen niet verward moet worden met een standaard leverbiopt waarbij een relatief veel groter hapje van de lever genomen wordt. Deze FNAB is dan ook veel minder belastend voor de patiënt. 4. ENABLE-studie (Erasmus MC, AMC Amsterdam, VUmc Amsterdam, Radboud Nijmegen) Voor hepatitis C patiënten met alle genotypen die niet eerder behandeld zijn met peginterferon en ribavine en waarbij sprake is van een laag aantal bloedplaatjes. Een laag aantal bloedplaatjes ontstaat vaak als er sprake is van ernstige leverschade (cirrose) waardoor het vaak niet meer mogelijk is de behandeling met peginterferon en ribavirine te starten. In deze studie zal in eerste instantie een nieuw middel (eltrombopag) gegeven worden om de bloedplaatjes te verhogen. Indien dat lukt zal vervolgens de behandeling met de standaard dosering peginterferon en ribavirine gestart worden. Patiënten die eerder zonder succes behandeld zijn met peginterferon en ribavirine maar waarbij een verlaging in dosering noodzakelijk was door een verlaagd aantal bloedplaatjes mogen ook deelnemen aan deze studie. Deze studie vindt ook plaats in Amsterdam (VU) en in Nijmegen (Radboud). Afhankelijk van de woonplaats van de patiënt, wordt de patiënt naar een van de drie centra verwezen. 5. Fase 3 studie met Boceprevir (AMC Amsterdam) Boceprevir behoort tot de groep van Proteaseremmers en heeft een heel andere werking dan Peg-Interferon alpha 2b (Peg-Intron) en ribavirine (RBV). Proteaseremmers hebben namelijk een direct effect op het virus, waardoor de vermeerdering van hepatitis C virus in de levercel wordt geremd. Eerdere studies waaronder een fase 2 studie in het AMC hebben de veiligheid en effectiviteit van Boceprevir bij hepatitis C patiënten aangetoond. De studie wordt wereldwijd uitgevoerd waarbij Boceprevir gecombineerd wordt met Peg-Intron en RBV en is bedoeld voor patiënten met hepatitis C, genotype 1, die niet eerder behandeld zijn.. Er zijn 3 behandelingsarmen waaraan patiënten die willen deelnemen worden toegewezen door het lot: 1. Peg-Intron en RBV gedurende 48 weken. 2. Peg-Intron en RBV gedurende 4 weken gevolgd door Peg-Intron, RBV en Boceprevir gedurende 24 weken. Afhankelijk of het HCV nog in het bloed wordt aangetoond stopt de behandeling na 28 (4 + 24) weken of krijgt u nog 20 weken Peg-Intron en RBV. 3. Peg-Intron en RBV gedurende 4 weken gevolgd door Peg-Intron, RBV en Boceprevir gedurende 44 weken. Patiënten die belangstelling hebben om aan dit onderzoek mee te doen, kunnen zich aanmelden bij: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. Telefoonnummer 020 566 84 68 Dr. H.W. Reesink Dr. C.J. Weegink Hepatitis B: 1. Behandeling van chronische hepatitis B patiënten met Adefovir en Peg-IFN (AMC Amsterdam) Patiënten met chronische hepatitis B en een virale 'load' van meer dan 100.000 cop/ml (17.000 IU/ml) kunnen meedoen met een studie waarbij Adenofir en Peg-IFN in combinatie gegeven worden gedurende een jaar. Voor nadere informatie kan contact opgenomen worden met Bart Takkenberg via 020-566111 (sein 59491) of via Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. 2. ARES-studie (Erasmus MC) Patiënten die worden behandeld met nucleos(t)ide analogen (virusonderdrukkers zoals lamivudine, adefovir, entecavir, telbivudine en tenofovir) moeten deze therapie vaak langdurig voortzetten. Het beëindigen van de behandeling leidt namelijk in het merendeel van de patiënten tot het weer actief worden van het hepatitis B virus. Binnenkort zal er gestart worden met een studie waarbij wordt gekeken of het tijdelijk toevoegen van Peg-IFN aan de behandeling met entecavir leidt tot een grotere kans op een blijvende onderdrukking van het hepatitis B virus na het stopzetten van de behandeling. Hiervoor worden patiënten óf behandeld met alleen entecavir óf behandeld met een combinatie van entecavir en Peg-IFN. Patiënten met een chronische hepatitis B en een positief HBeAg kunnen deelnemen aan deze studie. Voor nadere informatie kan contact opgenomen worden met Jurriën Reijnders via 010-7033037 of via Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. Informatie AMC studies Informatie over alle AMC-studies kunnen ingewonnen worden per email ( Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. ) of per telefoon (020-5664702) op het secretariaat, waarna U terug gebeld wordt door een van de leverspecialisten. Informatie Erasmus MC studies Voor algemene informatie of vragen over één van de Erasmus-studies kunt u contact opnemen met drs. R. Roomer, drs. M. Claassen, drs. J.F. Bergmann of dr. R.J. de Knegt via 010-7033039, 010-7033036 of 06-12368887. Bron: Nationaal Hepatitis Centrum, januari 2009 |

