Zo kan het ook gaan |
|
|
Door Henk Benjamins Mijn naam is Henk Benjamins, geboren in 1962, vrijgezel en zonder kinderen. Regelmatig lees ik verhalen van leverpatiënten in NLVisie en die zijn indrukwekkend, zeker omdat de situatie soms uitzichtloos lijkt. Graag wil ik vertellen over mijn ervaringen, ook omdat dit een positief verhaal is. Zo kan het dus ook gaan. In mei 2003 werd tijdens een bloedonderzoek vast gesteld dat mijn Gamma GT de 300 punten grens dreigde te overschrijden terwijl de waarde ergens tussen de 40 en 50 hoort te liggen. De internist van het ziekenhuis Bethesda in Hoogeveen trok alle registers open met foto’s, gastroscopie echo’s en wat al niet meer. Zijn conclusie was tenslotte: levercirrose als gevolg van drankzucht. Mijn situatie bleef stabiel tot eind 2007 en ondanks een onhebbelijk gevoel dat ik toch iets mankeerde, kabbelde mijn leventje gewoon door. Elke zes maanden op controle en dat was het dan. In oktober 2007 verslechterde mijn lever conditie in een wel heel rap tempo en kreeg ik begin 2008 de mededeling dat mijn internist mijn “casus” had door gezet naar het UMCG. Met de mededeling dat er een levertransplantatie in het verschiet zou kunnen liggen. Ik voelde mij op dat moment eigenlijk niet anders dan anders. Ik was al jaren chronisch vermoeid, altijd wat gelig en mijn humeur liet zich nog het best omschrijven als “gelijkmatig chagrijnig”. Ik had deze symptomen nooit gelinkt aan een leverprobleem, nu weet ik beter. 2008 zal ik nooit vergeten omdat alles waar een mens om geeft onder mij vandaag geslagen werd. Half april kwam ik definitief ziek thuis te zitten omdat ik een bacteriële infectie aan mijn urinewegen had opgelopen. Mijn lichaamsafweer liet het langzaam maar zeker afweten. Werken kon ik eigenlijk niet meer, ik woon in Hoogeveen maar werk in Amersfoort, de reis erheen was al eigenlijk niet meer te doen. laat staan dat ik ook nog iets moest doen en dan weer terug. Ik ben wel blijven zwemmen en sporten in de sportschool, ook heb ik een lichte LOI studie in huis gehaald om geestelijk ook in beweging te blijven. In de eerste week van november ging ’s avonds om 23.10 uur telefoon, het UMCG, men had een lever voor mij of ik maar even met een uur in Groningen wilde verschijnen. Ondanks de spanning moet ik bekennen dat ik genoten heb van de ambulance rit die mij met veel lawaai en een snelheid die eerder de 200 dan de 180 benaderde naar Groningen bracht. De volgende dag heb mijn levertransplantatie gehad. De operatie duurde 13 uur en een beetje. Vier dagen later werd ik uit mijn kunstmatige slaap gehaald. Eind november, na drie weken dus, was ik weer thuis. Eigenlijk, beste lezer, is dat alles. Het eerste jaar na de transplantatie is het spannendste was mij verteld. Van verdere overwinningen die ik geboekt heb, sinds mijn transplantatie, is wel dat mijn internist er nu wel van overtuigd is dat alcohol niet de boosdoener is geweest. Op mijn vraag wat dan wel de oorzaak is geweest moet hij tot op heden het antwoord schuldig blijven, DNA defect of ijzerstapeling zijn als daders ook afgevallen. Dat vind ik op mijn beurt dan weer vervelend maar ja, het is niet anders. Ik ben in zijn totaliteit ook toch wel veranderd, ben nooit meer moe als ik op sta, stukken vrolijker. Ik herken mij zelf soms gewoon niet. Tot slot mijn laatste overwinning: De conditietest in de sportschool wees uit dat mijn conditie voor iemand van mijn lengte, leeftijd en gewicht als zeer goed werd bestempeld. Toch niet slecht voor iemand met een tweedehands lever. Wat de toekomst brengt weet niemand maar ik ben er, niet meer, bang voor.
|

